Hoe ziet de Koppeltaal-infrastructuur eruit?

Koppeltaal is een architecturale softwareconstructie waarmee de communicatie via berichten tussen verschillende componenten (zoals eHealth-platformen, portalen, interventies en EPD's) en het lanceren van interventies vereenvoudigd wordt. De Koppeltaal-server biedt hiervoor voor gedefinieerde gestandaardiseerde interacties (op basis van berichten) aan.

Het is de taak van de Koppeltaal-server om de informatie die binnenkomt op de juiste wijze te vertalen en door te geven aan de betreffende geïnteresseerde applicaties.

Indien de betreffende applicaties niet bereikbaar zijn, worden de berichten tijdelijk opgeslagen. Alle applicaties communiceren alleen via de Koppeltaal-server met elkaar (loosely coupled). Elke applicatie kan de Koppeltaal-server bevragen of er berichten klaar staan met een bepaalde code, status of patiëntendossier, als ze hiervoor geautoriseerd zijn. Applicaties kunnen alleen de meest recente berichten van een interactie aanpassen (resource version control). 

Om het bevragen van de Koppeltaal-server te ontlasten, biedt de Koppeltaal-server een functie aan om notificaties te versturen naar applicaties. Hiermee halen de applicaties pas de berichten op als de gegevens bij de Koppeltaal-server klaar staan en de applicaties aangegeven hebben dat ze geïnteresseerd zijn in bepaalde interacties (publish/subscribe mechanisme). Het is aan de applicatieleveranciers de keuze of ze hiervan gebruik willen maken.

Een volgend aspect van Koppeltaal is de beveiliging van de interacties en de gegevens die hiermee gemoeid zijn. Hierbij gaat het dus naast het beveiligen van het communicatiekanaal ook om wie een bepaalde interactie mag uitvoeren en informatie mag inzien.

Een laatste veel voorkomende taak van de Koppeltaal-server is het monitoren van de verschillende interacties die gedaan worden en hiervan statistische gegevens bijhouden, zoals hoe vaak een bepaalde interactie wordt gebruikt, hoe vaak dit fout of juist goed gaat en hoelang een interactie duurt. Op basis hiervan kan later gerapporteerd worden, maar er kan ook direct gereageerd worden, indien bijvoorbeeld tijdens een interactie een foutafhandeling wordt uitgevoerd.
 

Meer over de Koppeltaal-functionaliteiten